SWIP-NL ledeninterview 8: Veronica Vasterling

Wie of wat in de filosofie heeft je geïnspireerd?

Er zijn een aantal filosofen van wie ik veel geleerd heb, ook omdat hun werk me zodanig interesseerde dat ik me er vrij lang in verdiept heb. Dat geldt bijvoorbeeld voor Martin Heidegger, Jacques Derrida en Jean-Francois Lyotard. Maar de filosofen van wie ik niet alleen veel geleerd heb maar die me zeer inspireren zijn Hannah Arendt en Judith Butler. Het is duidelijk: ik heb geen erg exclusieve smaak want Arendt en Butler zijn al enige tijd zeer populair, en niet alleen onder filosofen. De prijs van populariteit is dat hun werk vaak zeer slordig gelezen wordt, wat ik erg storend vind. Maar liever dat, dan de miskenning van hun belang en originaliteit als filosofen.

Speelt feministische filosofie een rol in je werk? Maakt het volgens jou voor je werk uit dat je vrouw bent?

Het maakt heel veel uit dat ik vrouw ben in de filosofie. Hoewel ik nog steeds van het vak houd, heb ik er sinds het begin van mijn loopbaan als academische filosoof behoorlijk wat last van gehad dat ik een vrouw ben en geen man. Ik kan me nog goed herinneren hoe de vrijheid die ik voelde als student – na een zeer seksistische middelbare school – in één klap verdween toen ik onderwijsassistent en vervolgens promovenda werd. Ik kreeg te maken met minstens drie opdringerige mannelijke filosofen van wie ik zeer afhankelijk was voor mijn werk. Die periode, die ongeveer tien jaar heeft geduurd, heeft mijn carrière, of beter: het gebrek eraan, zeer beïnvloed. Eigenlijk was ik na mijn promotie, en met net een vaste baan, zo gedemoraliseerd dat ik het liefst de academische filosofie de rug toegekeerd had.

Hoewel ik al feminist was toen ik begon te studeren, kwam mijn belangstelling voor de feministische filosofie pas later op gang, gevoed door al die vervelende ervaringen. Mijn belangstelling heeft zich in de loop van de jaren verdiept. De feministische filosofie speelt een grotere rol in mijn onderwijs dan in mijn onderzoek, denk ik. Ik probeer in mijn cursussen altijd ook een feministisch perspectief te integreren. Daarnaast geef ik al jaren een B3 cursus, Feminist Classics, die in feite bestaat uit een feministische ideeëngeschiedenis. Het allerbelangrijkste vind ik feministische collega’s en studenten: die zijn nodig om eindelijk het hardnekkige en wijdverbreide seksisme onder academisch filosofen en, niet te vergeten, studenten (m/v), terug te dringen.

Waar ben je het meest trots op?

Dat is een moeilijke vraag. Vroeger zou ik het antwoord wel geweten hebben maar dertig jaar in de academische filosofie heeft me geen goed gedaan en in ieder geval mijn zelfbewustzijn danig ondermijnd. Ik denk dat ik het meest trots ben op mijn studenten. Wat mijn werk aan de universiteit de moeite waard heeft gemaakt is de begeleiding van enthousiaste, goede en kritische studenten.